donderdag 30 januari 2020

Nieuwjaar in Kisangani - Congo


Net voor de kerst werden de 11 dozen met materialen voor het Centre Simama door DHL-Express opgehaald. Dat was tevens het sein om met een gerust hart te kunnen vertrekken naar Kisangani. Met twee grote koffers en de sta-op rolstoel als bagage bracht Kees de Kok me naar Brussel.
Ruim 16 uur later en 7.654 km verder landde de Boeing 737, met tussenstops in Addis Abeba en Entebbe, op de luchthaven in Kisangani. Het was een rustige vlucht. Als enige blanke word ik snel herkend door Frère Eric, de nieuwe Congolese directeur van het Centre Simama.
De kennismaking verloopt vlotjes. De omgeving is bekend, het huis met de riante tuin vertrouwd. Daar maak ik kennis met huisgenoot Jafeth. Met het weerzien van papa Jean, de huiskok, voel ik me snel op mijn gemak. We hebben al twee weken geen stroom, zegt Eric. Dat betekent ook geen druk op de waterleiding dus, maar ook geen gelegenheid om telefoons en laptops op te laden. Basic, as usual! Reden om nu en dan een comfortabele uitspanning langs de Congo op te zoeken om onze digitale communicatie op gang te houden.

Het is weekend. Door de week verzorgt papa Jean het ontbijt, de lunch en het avondeten. Nu koken we zelf op een houtskoolvuurtje en doen we boodschappen op de markt.

De markt ligt midden in Kisangani en is zo'n vier à vijf voetbalvelden groot. Tussen de stalletjes met potten, pannen, bromfietsonderdelen, stapels schoenen, nieuwe en gebruikte kleding, allerlei groenten en exotische fruitsoorten, die ik niet allemaal thuis kan brengen, wordt geen meter onbenut gelaten om kippen, varkens, apen in een kooitje en kant en klare eetwaren te koop aan te bieden. Ze laten me liever in de auto, maar geflankeerd door beide Congolese huisgenoten mag ik mee de markt op. Onder geen enkel beding mag ik op eigen houtje wat rondneuzen. Met een verse zongerijpte ananas, de nodige maniokwortels, bataten, een kilo knoflook, veel flessen water en twee kippen op schoot komen we thuis.


Thuis worden de twee kippen met een touwtje aan een avocadoboom in de tuin vastgebonden om later onder de handen van papa Jean in een pannetje te verdwijnen en als een smakelijke dis terug te keren op tafel. Een culinaire tovertruc van papa Jean. Hij vertelt dat je papayazaden kunt eten als profylaxe tegen malaria. De smaak heeft iets weg van radijs en peper. Ze zijn knettergezond.
Als ik aan tafel mijn zorg uit over het uitblijven van de stroom, antwoordt Eric: op een gegeven moment krijgen we dat wel weer, met de rekening over de hele maand. Wordt die niet direct betaald, dan wordt het licht afgesloten. Hij ligt er niet wakker van; er zijn wel belangrijker zaken.......

Met de Congolese collega fysiotherapeuten is het bijzonder prettig samenwerken, een hecht team dat al jaren enthousiast bijdraagt aan de goede naam van het Centrum. De zorg voor gehandicapten, die met veel toewijding geholpen worden om een zelfstandig bestaan op te bouwen, staat hoog in het vaandel. Wanneer het ook maar enigszins mogelijk is, krijgen gehandicapten - meestentijds oorlogsslachtoffers - een betaalde baan bij het onderhouden van het groen in de tuin, op de timmerwerkplaats of als kracht bij de bouw/verbouwing van projecten, die het centrum op eigen terrein ter hand nemen.

Samen met de administrateur, de medische staf en de directie van het centrum hebben we beleidslijnen uitgezet voor de komende drie jaar. Het doel is het centrum minder afhankelijk te maken van weldoeners en giften. Hierbij denken we aan het inrichten van speciale afdelingen met zorg die in de wijde omtrek niet geboden wordt. Bovenaan het lijstje staat een aparte afdeling voor gehandicapte kinderen en baby's. Een plek waar niet alleen gemasseerd wordt, maar ook aandacht besteed kan worden aan het ontwikkelen van motoriek en cognitie van de kinderen. Met de nieuwe fysio-apparatuur krijgt ook de fysio-techniek een impuls. De fysio's zijn enthousiast over de extra behandelingsmogelijkheden. 

Als extra bagage in het vliegtuig had ik naast fysio-apparatuur ook een gloednieuwe bijzonder geavanceerde kinderstoel van een collega kinderfysiotherapeute meegekregen, met dank aan Gemma. Voor het gebruik ervan is enige uitleg nodig. Men is er van onder de indruk en al snel wordt er over gedacht om die in de timmerwerkplaats na te maken.

De economie van het land laat veel te wensen over. De patiënten van het centrum, met name de gehandicapten, staan niet eens op de onderste treden van de maatschappelijke ladder. Ze staan er helemaal niet op. Op de onderste treden staan de kleine ondernemers, die langs de weg hun koopwaar aanbieden. Vrouwen zitten meestal met fruit of met eigen gefrituurde beignets aan de kant van de straat. Dan heeft de ladder een hele tijd helemaal geen treden. Vervolgens hoog op de bovenste treden staan bekende multinationals als Heineken/Bralima en aanbieders van mobiele telefonie als Vodafone en Orange. Tenslotte op de allerboevenste trede staat op eenzame hoogte de president met zijn entourage.

Zelfredzaamheid is voor de Congolees de enige kans om te overleven. Binnen het Centre Simama vinden de allerarmsten en meest behoeftigen solidariteit, zorg en respect. Ook de kerk is hier een toevluchtsoord. Het is een pragmatische kerk, die haar handen vuil durft te maken. De overheid heeft lege handen. Zij weet dat de kerk populair is bij tachtig procent van de bevolking, en ziet dat met lede ogen aan. De kerk geniet wel van enige privileges, zoals het gratis invoeren van medische hulpmiddelen, maar die worden even vrolijk als serieus  aangetast of moeten zwaar bevochten worden. Bureaucratie en corruptie gaan hand in hand. Ook wij krijgen er mee te maken. De zending materialen wordt in Kinshasa 'in depot' gehouden - zo wordt het althans genoemd - om daar vervolgens een malse rekening voor in de dienen. Terwijl het transport van Nederland naar Kisangani contractueel met DHL is vastgelegd, krijgen we een gepeperde rekening voor het transport van Kinshasa naar Kisangani. Men is er erg laconiek over, leeft er mee; het is immers aan de orde van de dag. Ik vind het stuitend, maar dat zal wel naïef idealisme zijn en breng het voorlopig dus maar onder in de categorie 'zelfredzaamheid'.

We vieren de jaarwisseling in de tuin. Het is donker en tot diep in de nacht bijna dertig graden. Er is nog steeds geen elektriciteit. Maar het kosmische decor is geweldig. Aan het hemelgewelf de Melkweg met in haar magische sluier een waaier van fonkelende sterren en helder zichtbare nevels. Jafeth haalt bier voor ons drieën. We zijn blij dat de materialen onder weg zijn, zegt Eric met een bewonderenswaardig optimisme. Tussen het geronk van de generatoren, die niet genoeg hebben aan de oplichtende sterrenhemel, klinkt gezang en het opzwepende ritme van de rumba in een Afrikaans jasje. Een bijzondere start van 2020. Ik kan me niet heugen eerder een jaarwisseling zonder stroom te hebben meegemaakt, zelfs op je 70ste kun je dus iets verrassends meemaken 😳.

Niemand draagt hier een zonnebril. De Congolezen zien de zon hier zonder probleem schijnen, ondanks dat die het leven hier twaalf uur per dag behoorlijk heftig in het daglicht kan zetten. Dank zij hun optimisme raak ik er ook van overtuigd dat niet alles fout zal gaan; de materialen zijn immers onderweg. Ze zijn in ieder geval al in Kisangani gearriveerd. Kwestie van tijd. Het tempo waarin wij in het westen leven, zadelt ons ook op met ongeduld, realiseer ik me. Langzaamaan leer ik dan ook te kijken, zonder bril die het leven onnodig verduistert 😊.

Aan het eind van mijn verblijf stopt papa Jean als afscheidscadeau een flinke pot met gedroogde papayapitten in mijn handen. Als souvenir een herinnering aan Congo, lacht hij, voor je gezondheid. 

Wanneer we op weg naar het vliegveld de asfaltwegen verlaten, zegt Eric veelbetekenend: nu verlaten we het Zaïre van Mubutu en komen we in het Congo van Kabila en Tshsekedi. We rijden stapvoets verder over hobbelige rode zandwegen vol met diepe kuilen en bezaaid met puin. We passeren een fietser die een varken, levend en wel, achter op zijn fiets vervoert. Iets verder wordt naast de ananassen (illegaal) bushmeat - vlees van dieren die in het bos gevonden worden - te koop aangeboden. Hier kun je voordeliger inkopen doen dan op de markt in de stad, merkt Eric op.

zaterdag 4 januari 2020

Terug in Kisangani

Voordat de verzending van de 11 dozen voor het Centre Simama de deur uit waren moest er nogal wat geregeld en onderhandeld worden. Gewicht en afmetingen bepalen de prijs van het vervoer via DHL naar Kisangani. Het ging om 143 kg aan goederen. De inhoud diende uitgebreid omschreven te worden in verband met douane controle en invoerrechten. Omdat er rekening mee gehouden werd dat het om een gift ging en de zending geen commerciële handelswaren bevatte, konden we het eens geworden over de kosten van het vervoer. De lading is op het laatste nippertje, vlak voor kerst, opgehaald. Een hele opluchting en een zorg minder. DHL-express is snel, 27 december kwam de zending in Kinshasa aan. Nu wachten we op het doorsturen naar Kisangani.

Met Kees de Kok gingen we op 28 december op weg naar Brussel Airport. De verkeersdrukte rond Antwerpen en Brussel viel gelukkig mee. Twee grote koffers gevuld met de meer kwetsbare fysiotherapie materialen en ook de sta-op rolstoel gingen gemakkelijk in de kofferbak. Ze konden als extra bagage mee op de vlucht via Addis Abeba naar Congo. De rolstoel werd geregistreerd als fiets, dat scheelde aanmerkelijk in de transportkosten. In plaats van € 150,00 werd €100,00 in rekening gebracht. Transport van goederen naar Congo vraagt veel geduld en communicatie om alle formaliteiten, administratie en vaak ingewikkelde import procedures af te wikkelen. Links en rechts kregen we wel veel goodwill en medewerking voor onze activiteiten. Dat gaf het gevoel dat de actie alleszins de moeite waard was.

Vanwege de ervaring van verleden jaar om met een binnenlandse vlucht van Kinshasa naar Kisangani te vliegen, kreeg ik het advies om nu via Ethiopian Airways een directe vlucht  van Brussel naar Kisangani te boeken. Binnenlandse vluchten in Congo zijn voor een 'blanke' bijna een hachelijke onderneming. De lokale vlieghaven van Kisangani heet Bangoka International Airport, waar in een kleine houten barak allerlei formaliteiten worden afgehandeld. Met de mededeling dat ik als vriend voor het Centre Simama kom, verschijnt er een glimlach van herkenning op het gezicht van de ambtenaar en gaan alle deuren open. Iedereen kent hier pater Martien Konings.

Eric is de nieuwe directeur van het centrum. Hij wacht me op en onthaalt me vriendelijk. Van dat moment af aan, ben ik niet meer onderworpen aan ingewikkelde Congolese procedures en vragen. Hij neemt alles met de air van een autoriteit over. Koffers hoeven niet geopend en geïnspecteerd te worden en de gebruikelijke 'entree kosten' om Kisangani (dat als een ander 'land' als Kinshasha beschouwd wordt), binnen te komen hoeven niet betaald te worden.

Het is ruim 35 graden de zon schijnt genadeloos over de stoffige en uitgedroogde rode aarde. Karibu kwetu, roept Eric vrolijk, welkom, welkom. Het heeft weken niet geregend en er is al 15 dagen geen stroom in Kisangani. Energiek vertelt hij over alle veranderingen in de staf en de nieuwe plannen van het Centre Simama. In het huis van de Congolese broeders wordt ik voorgesteld aan Jafeth, een nieuwe sympathieke Congolese medewerker van het centrum.

De hernieuwde kennismaking in het centrum is allerhartelijkst. Alle herinneringen van verleden jaar worden opgehaald. Er wordt uitgebreid en met interesse geïnformeerd naar familie en hoe het in Holland is. Al vlug wordt ik meegetroond naar de afdeling fysiotherapie en krijg ik een rondleiding over de verschillende afdelingen van het centrum. Handen schudden en elkaar traditioneel begroeten door driemaal met de hoofden tegen elkaar aan te raken. Er worden direct afspraken gemaakt om in teamverband uitleg en een demonstratie te krijgen over het nieuw meegebrachte fysio-instrumentarium.  Iedereen is verrukt over de sta-op rolstoel.

De volgende dag neemt Chadrack enigszins verlegen de sta-op rolstoel in ontvangst. Simama betekent STA-OP! De rolstoel is bijna een levens-veranderend instrument voor hem. Hij is er wendbaarder in dan met zijn tri-cycle en omdat hij erin kan staan, hoeft hij niet meer zo vaak naar het centrum te komen voor zijn sta-oefeningen om de circulatie in zijn verlamde benen in conditie te houden. Daarnaast kan hij, staande, gemakkelijker deelnemen aan allerlei praktische bezigheden in het dagelijks leven.
Diezelfde avond nog stuurt hij met veel bedankjes een foto van hem in zijn rolstoel.