vrijdag 7 april 2017

Egypte - van Luxor naar Qena

In Luxor is toerisme van oudsher dé bron van inkomsten. Zonder reisgezelschap word je er nogal eens verrast door de 'opdringerigheid' waarmee venters hun koopwaar en diensten aanbieden. Ook als je beleefd aangeeft er niet van gediend te zijn, kun je erg vasthoudend 'achtervolgd' worden. Dat heeft alles te maken met de terugval in diezelfde toeristensector en met het ontbreken van een sociaal vangnet voor degenen die geen werk meer hebben. De enorme kloof tussen straatarm en superrijk wordt van staatswege niet overbrugd door sociale voorzieningen, zoals dat in Nederland het geval is. Steeds weer verrast het mij hoe deze maatschappelijk onderscheiden milieus met elkaar omgaan; zij leven ermee alsof het de normaalste zaak van de wereld is. 

Als buitenlander word je al snel aangezien voor een miljonair. Relatief gezien ben je dat ook, uitgedrukt in Egyptische ponden. De reis alleen al naar het Land van de Nijl vertegenwoordigt al vlug meer dan een jaarsalaris voor een reguliere werknemer. Als 'buitenstaander' is het lastig zicht te krijgen op het financiële circuit waarin de bevolking leeft. Op markten en in de locale winkels wordt betaald met piasters. Een piaster is één 100ste van 1 Egyptisch pond = 5 eurocent. De inflatie van de Egyptische munt is gigantisch. Als toerist krijg je geen piasters in handen.  Er worden voor toeristen andere bedragen ( in ponden ) berekend dan voor Egyptenaren. Op de markt, voor souvenirs en in sommige hotels is dat meestal het geval. Een ander - eigenlijk heel sociaal - fenomeen dat daarmee samenhangt is dat prijzen niet vast staan. Ik heb zelfs een keer, in een luxe hotel, voor een postzegel meer moeten betalen dan het bedrag dat erop afgedrukt staat. Je koopt het in een dure omgeving, die moet óók betaald worden was het - moreel gefundeerde - argument van de verkoper. 

De ethiek is: je geeft naar vermogen. Je onderhandelt over de prijs of geeft dat wat je je kan permitteren. Soms hoor je van een taxichauffeur wanneer je naar de ritprijs informeert: je bent mijn vriend, betaal wat je wil. In de praktijk levert dat bij toeristen per saldo meer op dan het bedrag dat afgesproken wordt. Een kapper knipt soms een minder bedeeld iemand, die daar dan niet voor hoeft te betalen. Een ander economisch model dan in Nederland dus. Ik moest er echt aan wennen, maar ondertussen kan ik ermee overweg. Sinds ik de achtergrond ervan besef, waardeer ik het ook. Dit 'systeem' houdt rekening met human interest, persoonlijke noden en omstandigheden; het doet een beroep op morele verantwoordelijkheid.

Aiman houdt dagelijks een aantal kamers schoon in Jolie Ville. Als medewerker van de huishoudelijke dienst ontvangt hij 800 pond per maand - dat is dus 40 euro - om zijn 4 kinderen en zijn vrouw te onderhouden. Hij is erg dankbaar wanneer ik wat kleding voor hem achterlaat, waarvoor ik een briefje moet schrijven en ondertekenen dat ik het hem echt gegeven heb. Van de 'extended family' is er altijd wel iemand in de familie die in Saudi-Arabië werkt, in een een van de Golfstaten, Europa of Amerika. Zij sturen hun familie maandelijks geld en voorzien zo vaak in het levensonderhoud van grote groepen mensen. De 'extended family' is uitgebreider dan het kerngezin en meerdere generaties maken er deel van uit; broers, zussen, ooms, tantes en neven en nichten zorgen voor elkaar, voor de grootouders en de pasgeborenen in de familie. Het sociale vangnet is hier dus anders 'georganiseerd' dan in Europa; het is meer en eerder gebaseerd op onderlinge betrokkenheid.    

Vandaag ga ik terug naar de plaatsen waar ik in 1989/1990 gewerkt heb. Op weg naar het gehucht Ma-anna, een dorpje op de rand van de woestijn naast de stad Qena. Het is een rit van 70 kilometer langs groen bebouwde landbouwvelden en door een aantal dorpen. Er zijn beduidend meer veiligheidscontrole punten. Eind jaren -80 was er eentje, nu passeren we er wel vijf of zes, zonder evenwel aangehouden of gecontroleerd te worden.


Het is voorjaar. De mimosa, tamarisk, jasmijn en bougainville staan volop en uitbundig in bloei. Zij zorgen voor geur en kleur langs de weg, net zoals de enorme velden met kruiden en specerijen - waar Egypte op de wereldmarkt een flink aandeel in heeft - met zwarte en witte peper, kaneel, dille, koriander, rozemarijn, tijm, basilicum, munt en saffraan. Het is nu de oogsttijd voor suikerriet, tomaten, ui en knoflook. Kleine ezelskarretjes vervoeren de tomaten en zijn afgeladen met knoflook en ui. Soms zie je nog een kameel met een enorme takkenbos suikerriet op zijn rug, maar het merendeel wordt nu per vrachtwagen vervoerd of met een op kolen gestookt locomotiefje dat een groot aantal wagonladingen over een enkelspoortje door de velden naar de suikerfabriek trekt.


Onderweg kopen Ali ( de taxichauffeur ) en ik een paar kilo groente en fruit in voor Fathi, een van de medewerkers van het revalidatiecentrum waar ik gewerkt heb en waar ik bevriend mee ben geraakt. Hij weet dat we komen en dat betekent dat ons een flinke maaltijd te wachten staat. We willen hem niet op kosten jagen, maar hij en zijn vrouw zullen zonder twijfel weer alles uit de kast halen om ons op een copieus en rijk maal te trakteren. Geheel tegen de bedoeling van het bezoek in, zal hij er desnoods geld voor gaan lenen. Ik vind dat vreselijk, maar er is geen ontkomen aan. Het enige dat ik kan doen is de kosten compenseren - wat gebruikelijk is - met als gevolg dat er de volgende keer nog grootser uitgepakt wordt.  

Alvorens naar Fathi te gaan, bezoeken we eerst de Tempel van Dendera die, zoals ik gehoord had van de archeologen in Eka Dolli, schoongemaakt en opgeknapt is. Aan de plafonds, die door roet zwartgeblakerd waren, zijn schitterende, kleurrijke afbeeldingen uit faraonische tijden te voorschijn gekomen. Het hele tempelcomplex is onder handen genomen. Waar de tempel, gelegen tussen de akkers en de velden, als bezienswaardigheid voorheen nauwelijks enige aandacht trok, ligt die nu aan het eind van een officiële en geasfalteerde aanrij-route. Er is een enorme parkeergelegenheid, er zijn souvenirwinkeltjes en er is een heuse kassa gekomen, waar toegangskaartjes tot de tempel verkocht worden. Nu nog wachten op bezoekers.

Naast het bij de tijd brengen van toeristische trekpleisters, is het opvallend hoe hard er gewerkt is aan de aanleg van wegen en bruggen ter verbetering van de infrastructuur. Allemaal met het oog op de toeristenstroom, die tot op heden op zich laat wachten. Bij de tempel vertrekt er net een bus met ongeveer 10 of 12 toeristen. Verder wandelt er een verliefd Egyptisch stelletje en ontwaar ik één fotograaf op het enorme tempelcomplex. Niettemin loopt er minstens 15 tot 20 man personeel rond.




Bij Fathi en zijn vrouw worden we ontzettend hartelijk ontvangen. Fathi zat al een uur tevoren voor zijn huis op de stoep. Het weerzien roept allerlei emoties op en het is bijzonder troostrijk te horen dat het revalidatiecentrum, dat we 25 jaar geleden begonnen zijn, nog steeds open is en dagelijks een groot aantal patiënten behandelt. Veel van de oud collega's zijn met pensioen of overleden. We doen wat oude vrienden doen: herinneringen ophalen. Zijn vier mooie dochters zijn nog steeds niet getrouwd. Wanneer de meisjes ongetrouwd thuis blijven, zijn ze een financiële 'last' voor de ouders. Hij klaagt er niet over en als ik voorstel dat ze naar buiten gaan, omdat de jongens ze anders niet te zien krijgen, moet hij lachen. Meisjes horen hier in het dorp niet zonder begeleiding op straat te gaan. 

Er wordt ons een heerlijke, traditioneel Egyptische maaltijd voorgeschoteld met geroosterde kip, veel vlees, gestoofde groenteschotels en buiten-in-de-zon-gerezen brood, 'zonne-brood' genoemd. Fruit na en zoete zwarte thee. We zitten daarbij naar plaatselijk gebruik op de grond. Vóór zonsondergang nemen we afscheid, wensen elkaar het allerbeste en hopen, bij leven en welzijn, Inch Allah, op een voorspoedig weerzien.





donderdag 6 april 2017

Egypte - van Aswan via de Nijl terug naar Luxor

Op 21 maart vieren de Egyptenaren Moeder-dag. Het toeval wil dat ik juist op deze dag een bezoek aan de Isis-tempel gepland heb. De wereldberoemde tempel die gewijd is aan Isis, de mythologische oermoeder van het oude Egypte. Welgemoed stap ik in Garb el Sehel in een lokaal busje, een zogenoemde 'shared taxi' voor maximaal zo'n 12 man, maar heb absoluut nog geen idee hoe ik op Philae terecht kom, het eilandje in de Nijl waar de tempel zich bevindt. Ook de chauffeur van het busje heeft geen idee aan welke kant van de Nijloever ik uit moet stappen om de boot naar de tempel te nemen. Hij informeert bij passagiers of iemand dat weet. En hoe toevallig! van achteruit in het busje nodigt Ala'a Mahmoud me vriendelijk uit met haar mee te gaan naar de Isis tempel.

Dit is een van die vele onvoorspelbare momenten, die zich regelmatig voordoen tijdens het rondreizen door Egypte. Dankzij hun enorm gastvrije houding tegenover toeristen, zijn Egyptenaren altijd bereid je op weg te helpen wanneer je even niet weet welke kant je op moet. Ala'a is een studente aan het High Cinema Institute in Gizeh, een voorstad van Cairo, en is met twee vrienden uit Alexandrië een dagje naar Aswan gekomen om de tempel te bezoeken. We stoppen aan de andere kant van de dam en stappen samen in een open karretje met een ronkende benzinemotor. Als ik wil betalen heeft zij dat al voor mij gedaan. Small money, lacht ze vriendelijk. Vijf minuten later staan we aan oostoever van de Nijl waar honderden bootjes klaarliggen om de enkele bezoekers over te varen, die vandaag naar de tempel willen. Dankzij mijn Egyptische begeleiders passeer ik de gebruikelijke souvenirverkopers zonder dat ze ons belagen en hoef ik niet als buitenlander met de schipper te onderhandelen voor de overtocht. De man blijft met zijn bootje geduldig bij het eilandje zolang op ons wachten totdat we terug willen varen. Met het oog op de tempel, die na bijna 2.500 jaar nog verrassend in tact blijkt, tellen 3 á 4 uurtjes meer of minder niet.

Isis is de belangrijkste godin uit de Egyptische mythologie. Aanvankelijk werd zij alleen in de Nijldelta vereerd als vruchtbaarheidsgodin. Later kreeg zij ook de identiteit van Wadjet, de beschermende slangengodin van de beneden Nijl en ging zij samenvallen met de gestalte van Nekhbet, de giergodin van Opper-Egypte. De Egyptische mythologie is vaak erg complex en verwarrend omdat zij over een periode van zo'n 4.000 jaar ontstaan is en iedere regio er zo zijn eigen opvattingen op na hield hoe de godenwereld in elkaar stak. In Het Oude Egypte de bakermat van het jonge Christendom legt Tjeu van de Berk uit hoe Isis model heeft gestaan voor de Moeder Gods uit het Christendom.


Oeroude archetypische beelden, zoals de wederopstanding uit de dood van Osiris, de goddelijke echtgenoot van Isis, de maagdelijke geboorte van hun zoon Horus, de drie-ene godsgestalte in Isis-Osiris-Horus en andere voorstellingen uit de Egyptische mythologie zouden ten grondslag liggen aan het christendom. Het betreffen volgens de Zwitserse psychiater en psycholoog Jung diep in het onbewuste collectieve menselijk geheugen opgeslagen mythologische voorstellingen van wat de ( primitieve ) mens in zijn natuurbeleving ervaart. Dr. Tjeu van den Berk, theoloog, beschrijft uitermate boeiend hoe de oude Egyptische mythologie, gebaseerd op natuurbeleving, en hoe de daarbij behorende inwijdingsrituelen, die in de tempels gehouden werden, opgenomen konden worden in een vroegchristelijke cultuur. Het is interessant te constateren dat onze hedendaagse beleving van zingeving en spiritualiteit wortels heeft in oeroude, vaak als 'heidens' en primitief afgedane culturen.

Opnieuw in de actualiteit van de dag, bevind ik mij de volgende ochtend aan boord van De Monaco, een eenvoudige cruiseboot die in drie dagen vanuit Aswan zeer comfortabel naar Luxor vaart. De ietwat geflatteerde naam van de boot moet waarschijnlijk de luxe van het Europese vorstendom suggereren. Aan tafel tref ik Julian, een -30er en single, uit Colombia, die op een bijzonder avontuurlijke en hypermoderne manier zijn vakantie doorbrengt in Egypte. Hij reist net als ik alleen en heeft vandaag toevallig ook de Isis-tempel op Philae bezocht. Het valt me op dat hij wel erg vaak op zijn telefoon kijkt. Het blijkt dat hij zelf eigenlijk nog helemaal niets van zijn reis afweet. Hij heeft namelijk niets georganiseerd! Nada!

Nadat hij in Cairo geland was en nog geen enkele planning had voor zijn vakantieweek in Egypte, werd hij aangesproken door een jonge ondernemende Egyptenaar, die hem een reis aanbood langs alle high-lights in het land aan de Nijl. Hij zou dagelijks digitaal via zijn telefoon het programma en alle afspraken met plaatselijke gidsen doorgestuurd krijgen en voor de geboden diensten betalen wanneer hij na een week terug zou zijn in Cairo. Dat zou ongeveer $ 1.000,00  gaan kosten. Hij ging er mee akkoord en ik zit nu met hem aan tafel. Hij is dol enthousiast over zijn ervaring tot nu toe, checkt ieder uur zijn telefoon wat hem te wachten en te doen staat en heeft ondertussen de tijd van zijn leven. Maakt zich nergens over en geniet met volle teugen. Hij vertelt vrolijk hoe iedereen hier vol verbazing reageert op de manier waarop hij in zijn onderhoud voorziet. Hij is namelijk keurder en inkoper van Aziatische koffiesoorten voor een groot Indiaas levensmiddelenconcern. Je wordt dus betaald omdat je koffie drinkt? is de verbaasde reactie hier. Daar heb ik jaren voor gestudeerd, probeert hij zich dan nog te rechtvaardigen. Ik kan dat doen zonder ervoor te studeren, reageren de Egyptenaren dan. Hilariteit alom! Gisteren hoorde hij pas dat hij vandaag met de boot naar Luxor zou gaan. Vanmorgen werd hij van zijn hotel opgehaald door een plaatselijke gids die hem naar de tempel van Isis bracht en hem vervolgens aan boord van de De Monaco afzette. Julian checkt zijn telefoon. Vanavond stopt de boot in Kom Ombo en ik moet  bij de receptie op mijn gids wachten. Die gaat mij de tempel van Kom Ombo laten zien, zegt hij en leunt gemakkelijk achterover. Alles loopt op rolletjes, echt vakantie, nice people! Er verschijnt inderdaad en keurig op tijd een gids om mister Julian rond te leiden in de tempel van Kom Ombo.



Tot laat in de avond is het aangenaam toeven op het bovendek. Gedurende de nacht glijdt de boot bijna geruisloos door het water. Kleine lichtjes aan de oever weerspiegelen in het zwarte Nijlwater. Overdag is het lust om de talrijke felucca's, de karakteristieke lokale zeilbootjes met hun metershoog zeilen, voorbij te zien drijven. Vissers slaan met stokken op het water om de vissen in hun netten te jagen. Hier en daar kleine nederzettingen met eenvoudige modderstenen huisje, waar fellahin, boeren, met de hulp van ezeltjes hun land bewerken. Dit is het ongerepte en nauwelijks bezochte Egypte, ingeklemd en verscholen en de Nijl en de woestijn, waar de tijd stil staat. Het is een totaal andere wereld dan de verstedelijkte gebieden. Twee keer varen we onder een brug door. Die zijn relatief nieuw. Tot voor kort vond, ook bij de grotere steden, de oversteek uitsluitend met een ferryboot plaats. Luxor en ook Edfu beschikken nu over een moderne brug. Bij een van de bruggen moet onze boot het zeil van het bovendek, dat voor de nodige schaduw zorgt, naar beneden takelen. Ik geniet van het langzame tempo waarmee we naar onze volgende bestemming varen.

Waarschijnlijk zijn pensionado's ( zoals ik 😎 ) juist vanwege dat tempo zo gecharmeerd van cruise-boten. Edfu is de volgende bestemming en Julian heeft al een berichtje binnen dat hij bij de ingang van de Tempel van Horus op de gids moet wachten. Het lijkt een beetje op Big Brother is watching you, maar dan met een sympathieker oogmerk dan in het boek 1984 van George Orwell. Tijdens de laatste nacht op de boot worden we getrakteerd op een avondje onvervalst buikdansen. Dat wil zeggen onvervalst toeristisch. Het is een beetje de Egyptische versie van Frau Antje op Marken. Alleen deze dame promoot geen kaas en het verschil in motorische vaardigheden is dramatisch, evenals het verschil in klederdracht!

De volgende avond meren we in Luxor af, waar 75% van de stad gericht is op toerisme, dat nu dus voor het merendeel stil ligt. Na het eten gaan Julian en ik een kijkje nemen in de weelderige tuinen van Winter Palace, een prestigieus Victoriaans hotel aan de boulevard langs de Nijl, dat stamt uit de tijd dat Egypte nog onder Brits bewind viel. Agatha Christie heeft er, naar verluidt, Death on the Nile  geschreven. Vanwege kledingvoorschriften werd ons toegestaan op het buitenterras koffie te drinken. Still very Britisch! Tijdens onze woestijnreis in 2012 hebben Thomas en ik hier twee zeer comfortabele nachten doorgebracht. Julian krijgt bericht hij zich de volgende morgen om 05.00 uur moet melden bij de aanlegplaats van de boot. Daar wordt hij rond die tijd opgepikt. De reisorganisator in Cairo heeft een ballonvaart bij zonsopgang boven het Dal der Koningen aan de westoever van de Nijl voor hem gearrangeerd. Big Brother is full of surprises. 

woensdag 22 maart 2017

Egypte - Garb el Sehel

'Eka dolli' betekent 'I love you', legt de guesthouse eigenaar uit. Het is Nubisch voor het Egyptische 'ana behibak', 'ik hou van jou'. Hoe kun je beter welkom geheten worden? Het was even wennen, maar regelmatig wordt ik hier aangesproken met 'habibi', 'mijn lief'. Onderling zijn Egyptenaren in de begroeting hier eveneens kwistig mee. Verder hebben ze de reputatie dat ze met de fysieke versie daarvan ook kwistig zijn. Het zijn charmeurs met name richting ( buitenlandse ) vrouwen. Ik vraag - op verzoek uit Holland - aan de vrouw in het archeologen-gezelschap, dat in Eka Dolli logeert, hoe zij Egypte ervaart en of ze het veilig vindt om er rond te reizen. Zij heeft onder meer gewerkt in het Karnak-complex bij Luxor.

Zij antwoordt: Ik heb hier nooit enig probleem gehad als vrouw. Er lijkt ook wel iets veranderd in de houding ten aanzien van toeristen in het algemeen. Egyptenaren lijken sinds een aantal jaren wat behoedzamer ( lees: respectvoller ) in de benadering van toeristen geworden. Ze realiseren zich langzaamaan dat Europeanen graag afstand houden, gewend zijn om minder 'fysiek' met elkaar om te gaan en een al te directe benadering niet op prijs stellen of zelfs als confronterend ervaren. Aanraken past al helemaal niet in de Europese omgang, beseffen zij meer en meer. Vandaar die meer behoedzame opstelling van de Egyptenaren tegenwoordig, ondanks dat het tegen hun natuur indruist. Vooral de jonge mannen 'spreken' zelf gemakkelijk in lichaamstaal en communiceren onderling veel met hun handen en in gebaren. In oogcontact en de betekenis daarvan ontstaat snel veel misverstaan op grond van een verschillende cultureel-bepaalde invulling; wat voor de een aangenaam onschuldig en sekse-neutraal is, heeft voor de ander een ongemakkelijk erotiserende lading. De archeologe is voor 3 maanden hier in Aswan werkzaam aan de Isis-tempel in een team met twee mannelijke landgenoten. Voorheen heeft zij enkele maanden in Karnak, het grote tempel-complex in Luxor gewerkt. Als ook vrouwen bewuster zouden zijn voor die cultureel bepalende gender verschillen, zouden er ongetwijfeld minder misverstanden ontstaan, vindt zij. Clichématige opvattingen over 'anders zijn' van 'andere mensen' getuigen van het eng behoeden van  de eigen comfortzone, dan moet je niet naar een 'vreemde' cultuur willen reizen. Haar opmerkingen doen me denken aan de spitsvondige wijsheden van Loesje: "Waarom binnen je comfortzone blijven, als daarbuiten veel meer te beleven valt?" en "Leven is het meervoud van lef."

Dat hier andere normen heersen dan bij ons in de lage landen aan de zee, moge als bekend worden verondersteld. Ik heb de ervaring - als man - dat wanneer een Europese vrouw respect toont voor de plaatselijke gebruiken en cultuur door zich decent te kleden en te gedragen, zij wederkerig ook respect krijgt. Toen ik jaren geleden hier werkte vroegen Egyptische vrienden van mij waarom Europese mannen in hun onderbroek rondliepen. Dat dat een gebruikelijke korte broek is, is ondertussen wel bekend. Alleen en zonder doel rondflaneren is misschien niet zo'n goed idee. Dan word een vrouw vaak, al is het 'maar' uit nieuwsgierigheid, aangesproken. Alleen reizen, zonder vrienden en zonder familie of zonder dat je zaken doet, roept hier nogal eens vraagtekens op.

Het beste is je te laten begeleiden door een Egyptische man of vrouw, of anders dat je in 'low profile' deelneemt aan het sociale leven, daarmee voorkom je al heel veel misverstanden. Draag bijvoorbeeld een trouwring, zeg dat je getrouwd ben en dat je een aantal ( drie is voldoende 😉 ) kinderen hebt. Je man moet thuis gewoon werken en de kinderen moeten naar school. Je neemt je voor een volgende keer je familie mee te nemen naar Egypte, omdat je het zo'n mooi land vindt. Een leugentje om bestwil dus, daarmee treedt je tenminste in een cultuurpatroon dat voor Egyptenaren herkenbaar is. Uiteindelijk is 's lands wijs, 's lands eer!

Garb el Sahel is een Nubisch dorp aan de westoever van de Nijl tegenover Aswan. Een oase van rust in vergelijking met de stad aan de overkant. In de loop van de afgelopen tien jaar is het een plaats geworden waar de Nubiërs een nieuw bestaan hebben opgebouwd en hun eigen kleurrijke cultuur nieuw leven hebben in geblazen. Ook voor Egyptenaren is het een toeristische attractie geworden. Die komen hier om een ritje op een kameel te maken of de sfeer van het dorpse landleven te proeven. Dit is ook de plaats om een uitstapje te maken naar de wereld beroemde tempel van Isis, op Philae. Philae is een eilandje in de Nijl, dat ontstaan is door de watermassa's tussen de hoge en de lage dam. Omdat de tempel van Isis onder water zou komen te staan is de tempel met behulp van Unesco verplaatst naar deze verhoogde plek. Eenzelfde verplaatsing met een geweldige inspanning is de tempel van Abu Simpel te deel gevallen. Je moet je daarbij zoiets voorstellen als dat de Sacré-Cœur op het Île de France in Parijs afgebroken wordt en een aantal kilometers verder opnieuw wordt opgebouwd.

Vanwege de twee dammen in de Nijl komen nijlpaarden en krokodillen sinds 1902 stroomafwaarts niet meer voor. Zij kunnen deze dammen niet passeren. De vissers uit het dorp, die voorbij de dammen stroomopwaarts hun netten uitgooien, brengen echter regelmatig kleine, pasgeboren 'nijl-hagedisjes' mee van uit de Nijl. Wanneer die het vervaarlijk formaat van een echte krokodil krijgen, gaan ze achter slot en grendel onder een stevig hekwerk een put in. Daar dienen ze als een bizarre attractie voor bezoekers. Overigens geloof ik vast dat er regelmatig exemplaren, die de status van 'huisdier' ontgroeid zijn, terug de Nijl in gekieperd worden en die dan weer, als vanouds, ook in dit deel de Nijl rondzwemmen. Nu nog nijlpaarden 😜 , dan is de situatie uit de tijd van de  farao's weer terug.

maandag 20 maart 2017

Egypte - van Luxor naar Aswan

Het is toch een beetje spitsroede lopen naar het station van Luxor. Hoewel ik al expres niet met zonnebril en fotocamera op mijn buik door de drukke straten van Luxor loop, ga ik als buitenlander niet ongemerkt voorbij. Calesh?! Calesh?! wordt er van verschillende kanten geroepen. Op z'n Egyptisch een hantour, rijtuigje met koetsier en paard, waarbij meestal een ( gebrekkig ) Engels sprekend knulletje naast zijn vader of zijn oom op de bok zit. Het is soms niet duidelijk te maken, dat ik liever loop. Lastiger nog is het om de ( vaak erg kleine ) kinderen voorbij te gaan die, op blote voeten, kleine pakketjes tissues venten. Bedelen is verboden. Je mag geven wat je wil. Met 20 Egyptische ponden zijn ze zeer verguld. Dat is 1 euro. De Egyptenaren zelf geven die kinderen een paar piaster, waar ze ook al blij mee zijn. Een pond - onderverdeeld in 100 piaster - is 5 eurocent waard. Een paar piaster is dus niet veel wat ze per dag ophalen, eerder schrijnend weinig. Bij aankoop van een zo'n pakje tissues krijg je vervolgens de lotgenoten van het gelukkige ventje cadeau, die natuurlijk zijn vriendjes en vriendinnetjes onmiddellijk jaloers maakt met zijn 20 pond. Verder heb ik ook al 10 boekenleggers met hiëroglyfen erop voor dezelfde prijs aangeschaft.

Zonder kleerscheuren bereik ik om 17.30 het treinstation. Om 18.30 uur is het vertrek naar Aswan gepland. Een afstand van ruim 300 kilometer, waar ongeveer drie-en-een-half uur voor staat. Ik heb me maar een kaartje 1ste klas gepermitteerd voor 90 pond, zegge en schrijven vier-en-een-halve euro dus. Het is immers vakantie 😀. Verder ter informatie: de 2e klas kost 30 pond ( anderhalve euro ) en 3e klas reizen met de trein ( prijs ? ) is voor toeristen niet toegestaan. Het lijkt me, als economische maatregel voor het land, een alleszins acceptabel voorschrift voor toeristen. Het zegt ook wel iets over de levensstandaard, wanneer je realiseert dat voor een deel van bevolking zelfs een 3e klas treinrijs een financiële aderlating betekent.

Op het station spelen zich dezelfde levendige taferelen af als op straat. Naast dat er afwachtend gezeten wordt, wordt er gekletst, gegeten, gedronken, gerookt, krijgen baby's de borst en worden er ondertussen ook nog verwoede pogingen ondernomen de de opgroeiende jeugd ( de jongens! ) in het gareel te houden. Voor het autoritaire  optreden van de aanwezige politieman heeft iedereen ontzag, voor zijn stem alleen al. Veel lijkt er overigens niet verboden te zijn. De mannen, jong en oud, nemen niet de moeite om via het tunneltje van het ene naar het andere perron te komen. Met bagage en al springen ze rechtstreeks op het spoor en klauteren aan de andere kant weer omhoog, waarbij de oudere mannen door de jongere geholpen worden. Het is toch een gat van zo'n anderhalve meter diepte. Vooral dat onderlinge sociale verkeer hier, vind ik fascinerend. Uiteindelijk komt de trein om 21.00 uur met ongeveer 25 coupés het station binnenrollen. ProRail zou er nog een aardige job aan hebben, ware het niet dat hier iedereen braaf blijf zitten wachten. Het lijdelijk verdragen van ongemak zit met het gevleugelde Inch Allah of 'wanneer God het wil' de Egyptenaren lijfelijk ingebakken. Voor situaties die waarschijnlijk toch niet gaan gebeuren, is er, net als in onze taal een uitdrukking met een overdrachtelijke betekenis: 'filmishmish' ( في المشمش ) dat betekent 'wanneer de abrikozen bloeien' of  'in de pruimentijd'. Toch heeft de 25-januari-revolutie van 2011, die geïnspireerd was op de Jasmijnrevolutie van Tunesië, wel iets veranderd, zou later blijken.

De trein is zonder meer comfortabel. Met twee ruime stoelen aan iedere gangzijde is er meer dan voldoende beenruimte. Meer dan bij Ryanair, stelt het met mij meereizende jonge stel uit Chili vrolijk vast. De talrijke tussenstops tussen Luxor en Aswan zijn verrassend kort. De zon gaat hier in deze tijd al rond zes uur ( prachtig! ) onder. Het voorbijtrekkend landschap is dus gehuld in duisternis. Om ruim middernacht, 00.30 uur komen we het verlichte station van Aswan binnen.

Ekadolli, het Nubische guesthouse, waar ik voor vier nachten geboekt heb, heeft een chauffeur naar het station gestuurd om mij op te halen. Heel prettig, zodat ik gemakkelijk aan al die zich aanbiedende taxichauffeurs kan ontkomen. Het guesthouse ligt in het dorpje Garb el Sehel, aan westelijk Nijl-oever, de overkant dus van waar we aankomen. De rit van een half uurtje gaat over de Lage Aswandam. Er zijn twee dammen die de Nijl bij Aswan afsluiten. De nieuwe Hoge Aswandam van 1970 en de oudere Lage Aswandam, die uit 1902 stamt. Voordat we de dam oprijden wordt de inhoud van de kofferbak vluchtig gecontroleerd.


Je moet je ook niet voorstellen dat een aanslag wordt gepleegd op zo'n project als dit. De korte termijn voordelen van de dam, zoals de elektriciteitsvoorziening voor de kleinere dorpen in Opper Egypte ( 15 % van de gehele Egyptische stroomvoorziening ) en het verdwijnen van overstromingen en/of droogvallen van landbouwgronden langs de oevers, vallen in het niet bij de lange termijn vooruitzichten: het desastreus uiteenvallen van het gehele ecosysteem van de Nijl. De nu nog zeer vruchtbare Nijldelta in Beneden Egypte is aan het verzilten, evenals de enkele kilometers smalle landbouwstrook langs de gehele loop van de Nijl en over 500 jaar zou het Nassermeer, een stuwmeer van maar liefst 550 kilometer lang en 35 kilometer breed, dichtgeslibd zijn. Nu al moet er vanwege gebrek aan nieuw aangevoerd slib grote hoeveelheden kunstmest gebruikt worden en kunnen er geen bakstenen meer gefabriceerd worden.

Verder was het onder laten lopen van het gebied van zo'n 5.250 km2 vóór de dam waarbij het Nassermeer ontstaan is, een regelrechte ramp voor de lokale bevolking. De Nubiërs. Er stond weliswaar een ( geringe ) vergoeding tegenover de gedwongen verhuizing, maar die woog niet op tegen het op moeten geven van huis en haard en van de eigen cultuur. Een hele bevolkingsgroep raakte in één klap ontheemd. De Nubische bevolking, van oudsher thuis op het grensgebied tussen Zuid-Egypte en Noord-Sudan, wordt niet als een 'echt' Egyptisch gezien. Hoewel zij vaak in zeer eenvoudige omstandigheden leven Zij staan bekend om hun belangeloze gastvrijheid en eerlijkheid.

Het is half twee in de nacht wanneer ik door Mohammed wordt opgewacht met een kop hete, zwarte en mierzoete thee. We maken kennis op het dakterras, omgeven door flonkerende lichtjes uit het dorp die spiegelen in het zwartblauwe Nijlwater. Het Nubische dorpje ligt aan de rand van de woestijn. Het is er stil, doodstil. Er blaft een hond in de verte en een zacht briesje waait aangenaam zuivere lucht uit de woestijn aan. Mohammed vertelt met terechte trots over hun guesthouse, waar nog steeds aan gewerkt wordt. Zijn familie is ermee gestart na de revolutie van 2011. Zo heeft de revolutie misschien een zeker zelfbewustzijn bij deze Nubiërs aangewakkerd. Zij hebben in ieder geval het heft in eigen hand genomen en met een herwonnen zelfrespect initiatieven ondernomen om hun levensstandaard op te vijzelen. 

zondag 12 maart 2017

Egypte - Luxor

Als sinds jaren is Egypte niet zo'n gewild vakantieland meer. Wees alert staat er in het reisadvies van de Rijksoverheid in Nederland. Een opmerking, die in het algemeen op heel veel meer bestemmingen van toepassing is. Inhoudelijk weinig specifiek. Wat moet een reiziger daarmee? Egypte heeft te maken met sociale onrust en politieke spanningen, staat er verder in het reisadvies van overheidswegen. "Egypte is, vergeleken met de rest van de regio waar de Arabische Lente diepe sporen heeft achtergelaten, nog redelijk stabiel gebleven", aldus Paul Aarts, Midden-Oostendeskundige aan de Universiteit van Amsterdam in Elsevier van januari 2016. Een van de redenen van die relatieve rust is dat de nieuwe ( sinds 2014 ) president Abdul Fatah al-Sisi de bevolking verboden heeft de straat op te gaan. Er is een demonstratieverbod. De president heeft de bevolking net als onder de dictatuur van Hosni Mubarak, weer in een ijzeren greep. De grootste terreurdreiging komt echter niet van de bevolking maar van gewelddadige groeperingen als Islamitische Staat.

Zijn de Egyptenaren iets met de revolutie van januari 2011 opgeschoten? "Er is één positief gevolg," zegt Aarts: "De Egyptenaren zijn er zich van bewust, dat verandering mogelijk is." Een positief psychologisch gevolg dus van al die bloedige strijd. Dat het toerisme daarbij in het slop is geraakt raakt de plaatselijke bevolking, die niets met politieke machten of andere machten van doen wil hebben. Zij hebben andere zaken aan hun hoofd. Minstens 10% van de banen in Egypte ligt in de toeristenbranche. Dat zijn miljoenen mensen die het beleg op hun boterham of zelfs hun hele boterham hebben zien verdwijnen.

De jaren -50, -60 tot eind jaren -70 beleefde het toerisme een haast ongekende hausse. De piramiden, het gouden masker van Toetanchamon, de tempels en de valleien met graven in Luxor waren absolute wereldattracties. Dat zijn ze nog steeds. En menigeen droomde van een heuse cruise over de Nijl.

De aanslag op president Anwar Sadat op 6 oktober 1981 en de daarop volgende aanslagen op Israëlische toeristen en op de Christelijke Kopten, gaven blijk van de eerste interne politieke spanningen en sociale onrust binnen Egypte. Na de terroristische aanslag op 17 november 1997 bij de tempel van Hatsjepsoet in Luxor, waarbij 62 mensen tragisch omkomen - voornamelijk buitenlanders -, valt het internationale toeristenverkeer totaal stil. De Amerikanen komen helemaal niet meer. En sinds het neerstorten van het Russische vliegtuig boven de Sinaï woestijn blijven ook de Russen weg, die anders altijd zo luidruchtig aanwezig konden zijn.

Hoe is de situatie nu? De Nijl vindt onverkort vanuit centraal Afrika zijn weg door de woestijnen van Soedan en Egypte naar de Middellandse Zee en de topattracties zijn nog steeds even bewonderenswaardig. De bevolking is ook nog steeds even ruimhartig gastvrij als vroeger en de toeristen worden - momenteel nog meer dan ooit - op handen gedragen. De resorts bieden op de meest fantastische locaties hun gasten tegen sterk gereduceerde prijzen nog steeds uitstekend comfort.
Wees alert! dat was de boodschap die ik las, toen ik mijn reisplannen naar Egypte maakte. Nu blijkt dat ook de Egyptische controle op Cairo airport deze boodschap gekregen heeft. De controle is onmiskenbaar intensiever en overigens ook efficiënter. Op de kleine luchthaven van Luxor was het toeristenverkeer meer en beter georganiseerd dan voorheen. Ik schatte het buitenlandse bezoekersaantal van vlucht MS0060 met Egyptair op ongeveer 40 personen.

De ontvangst in Maritim Jolie Ville was, hoewel na middernacht, aangenaam efficiënt. De volgende dag blijkt dat er meer personeel is dan dat er gasten zijn. Overigens strooit de zon nog altijd even trouw zijn aangename warme zonlicht royaal uit over de bloemrijke tuinen van het resort op Kings Island. De Nijl stoomt nog even rustig en gelijkmoedig door haar bedding, zoals zij dat al duizenden jaren doet. Nog immer wuiven de koningspalmen, zwaar beladen met zoete dadels, majestueus in de koele woestijnbries aan de oevers van de Nijl. De farao's wisten indertijd wel waar zij hun tempels moesten bouwen. Het is goed toeven hier. Het zijn, naast enkele Egyptische vakantiegangers, vooral onverschrokken Britse en een paar Duitse pensionado's die zich niet door de krantenkoppen en ongenuanceerde one-liners laten intimideren. Tot laat in de zwoele avond genieten zij van een glas goede wijn bij het schijnsel van de volle maan in de zacht kabbelende Nijl onder een heldere sterrenhemel. Zij hebben wel geleerd het leven op waarde te schatten.

En verder bakt de goedlachse bakkersvrouw Nawel al 15 jaar heel bedreven dagelijks het typisch Egyptische brood ( erg luchtig en krokant ) op het zonovergoten terras voor het restaurant. Het krioelt van de kleine vogeltjes rond de op hout gestookte oven van Nawel. Zij komen op de broodkruimels af en ik op de heerlijke lucht van vers gebakken brood.